“Ik verklaar dat de aarde hol is en van binnen bewoonbaar”, schreef John Cleves Symmes in 1818. Mythes over de holle aarde, met in de kern een kleine centrale zon, bestaan al veel langer. Niet zozeer een materiële ‘leegte’ in de aarde, maar geavanceerde beschavingen in de holtes van de aardkorst en dieper in de aarde. Mysterieuze werelden op een hoger bestaansniveau. Een multidimensionele aarde met openingen in de Noord- en Zuidpool, die toegang bieden tot andere werelden onder het aardoppervlak. Zoals Agartha en Shambhala, een kristallen stad met een spiritueel verlichte beschaving, die op het etherische niveau van de aarde leeft.
De moderne wetenschap stelt dat de aarde bestaat uit een ononderbroken reeks lagen, korsten en vloeibaar magma rondom een dichte en gloeiend hete kern, die voornamelijk uit ijzer en nikkel bestaat. Maar in de 17e eeuw hadden enkele vooraanstaande wetenschappers van die tijd een andere theorie: dat de planeet eigenlijk hol is. In verschillende culturen bestaat het idee dat er onder de aardkorst een andere wereld ligt. In Oosterse culturen werd de binnenaarde voorgesteld als een plek van wijsheid, verlichting en verborgen kennis.
Magnetische anomalieën
De eerste serieuze wetenschappelijke speculatie over een holle aarde kwam van niemand minder dan Edmond Halley, beroemd om de komeet die zijn naam draagt. In 1692 stelde hij voor dat de aarde uit meerdere concentrische schillen zou bestaan, die elk om hun eigen as draaien.
Halley zocht hiermee een verklaring voor afwijkingen in kompasmetingen. Volgens hem konden deze magnetische anomalieën verklaard worden door verschillende roterende binnenlagen. Hij veronderstelde bovendien dat de ruimtes tussen deze schillen gevuld waren met lichtgevende atmosferen die leven konden ondersteunen.
Zijn model beschreef de aarde als een systeem van geneste bollen rond een centrale kern. Hoewel zijn theorie uiteindelijk werd verlaten, legde Halley een fundament voor het idee dat het hele binnenste van de aarde één ongelooflijk grote grot was. Deze nieuwe visie op de holle aarde is gebaseerd op de theorie van een kleine centrale zon en een weelderige, leefbare omgeving aan de binnenkant van het aardoppervlak. Deze visie werd ontwikkeld door beroemde wiskundigen en wetenschappers zoals Leonhard Euler in de 18e eeuw en Sir John Leslie in de 19e eeuw.

Portalen naar de binnenaarde
In 1818 publiceerde de Amerikaanse veteraan John Cleves Symmes jr. zijn beroemde Circular No. 1, waarin hij verklaarde dat de aarde hol was en grote openingen bezat bij de Noord- en Zuidpool — later bekend als de “Symmes Holes”.
Volgens hem waren niet alleen de aarde, maar alle planeten in het universum hol. Hij zag zijn theorie niet als sciencefiction, maar als toetsbare natuurkunde. Hij pleitte jarenlang voor een expeditie naar de Noordpool om zijn hypothese te bewijzen.

Ook hij geloofde dat het binnenste van de aarde niet alleen leven kon ondersteunen, maar dat ook daadwerkelijk deed. In Circulaire nr. 1 zei hij dat de binnenkant van de aarde “vol zou zitten met voedselrijke groenten en dieren, zo niet mensen”. Symmes geloofde dat zijn theorie geen sciencefiction was, maar wetenschappelijk feit, en dat deze niet alleen van toepassing was op de aarde, maar op alle planetaire lichamen. Voor hem was het hele universum hol.
In 1822 wist hij zelfs het Amerikaanse Congres zover te krijgen dat er over financiering werd gestemd — een opmerkelijk feit gezien de radicaliteit van zijn ideeën. Hoewel de subsidie werd afgewezen, bleef Symmes tot zijn dood in 1849 campagne voeren.





Vermeende foto’s van opening bij de pool van de aarde en op Mars.

Jules Vernes reis naar het centrum van de Aarde
In 1864 publiceerde Jules Verne A Journey to the Centre of the Earth, een roman die het idee van een ondergrondse wereld wereldwijd populariseerde. Hoewel het fictie betrof, baseerde Verne zich op de theorieën van Halley en Symmes.
Het boek vormde het startpunt van een heel genre: ondergrondse sciencefiction. Verhalen over prehistorische jungles, verloren beschavingen en hoogontwikkelde rassen onder het aardoppervlak werden enorm populair.
Een opvallend voorbeeld uit dit genre is de roman The Goddess of Atvatabar van William R. Bradshaw (1892), waarin een spiritueel verlichte beschaving wordt beschreven die diep in de aarde leeft. Deze verhaallijnen beïnvloeden tot op de dag van vandaag moderne holle-aarde-ideeën.

Agartha en innerlijke beschavingen
Binnen hedendaagse holle-aarde-kringen wordt het binnenste van de aarde vaak beschreven als een tropisch paradijs, bewoond door geavanceerde beschavingen van mensen, reuzen of buitenaardse entiteiten.
Kenmerkend is het idee dat deze beschaving technologisch en spiritueel ver superieur is aan de mensheid die aan de oppervlakte leeft en beschikt over kennis van anti-zwaartekracht, vrije energie en tijdmanipulatie. De bewoners worden over het algemeen gekenmerkt als vredelievend en zijn vanwege het perfecte klimaat van de binnenaarde veel gezonder dan mensen op het aardoppervlak. Deze binnenwereld wordt soms Agartha genoemd, naar de gelijknamige legendarische stad in de kern van de aarde, die vaak wordt geassocieerd aan Oosterse mystiek.

Beschavingen in de aardkorst
Een uitgebreide moderne uitwerking van de holle binnenaarde is te vinden in de boeken van Radu Cinamar, in ‘De Reis naar de Binnenaarde’, het vijfde deel van de Transylvania Sunrise-serie. In dit werk beschrijft de auteur geheime missies van de Roemeense inlichtingendienst naar binnenaardse beschavingen. Via tunnels onder het Bucegi-gebergte nabij de Roemeense Sfinx zouden toegangspoorten bestaan naar ondergrondse steden als Tomassis en Shambhala.
Volgens het boek is de gangbare wetenschappelijke opvatting over een vaste aardkern een misvatting: “Alles wat wetenschappers geloven over het binnenste van de aarde, dat het vol en solide zou zijn, is een illusie die gebaseerd is op hun eigen conceptuele beperkingen.” De aarde is multidimensionaal en sommige beschavingen diep in de binnenaarde, bevinden zich op het etherische niveau in een andere dimensie.
Het binnenste van de fysieke aarde bestaat uit talloze holtes in de aardkorst, die te vergelijken is met een honingraat of gatenkaas. Sommige van deze ruimtes zijn gevuld met lava, of afzettingen van metalen en gesteenten andere holtes bevatten gasvelden, of waterreservoirs. Talloze van deze holtes zouden bewoond zijn door uiteenlopende levensvormen en hoogontwikkelde beschavingen. Deze volkeren beschikken volgens de auteur over geavanceerde technologie, waaronder beheersing van anti-zwaartekracht en middelen om ruimte en tijd te manipuleren. Hun leiderschapssysteem is gebaseerd op ‘het principe van wijsheid’, waarbij bestuurders worden gekozen uit een groep van wijze ouderen.
De multidimensionele aarde
Er zijn echter verschillende werelden binnen onze planeet, die zich niet allemaal in dezelfde dimensie bevinden. Het begrip ‘holle aarde’ is dan ook niet zozeer een materiële ‘lege holte’ in de aarde, maar eerder een mysterieuze wereld op een hoger bestaansniveau, die zich bevindt in het zogenaamde ‘binnenste’ van de planeet.
Mensen stellen zich het concept van ‘de holle aarde’ voor als de binnenkant van een lege kokosnoot, vanuit een een puur materialistische opvatting die ze over de wereld hebben. Dat komt doordat mensen aan de hand van vertrouwde denkmodellen een onbekend concept proberen te begrijpen en veronderstellen dat de binnenkant van de aarde overeenkomstig is met het beeld dat ze hebben van de bolvormige, fysieke buitenkant. Deze aanname is niet zozeer overeenkomstig met de feiten, maar het gevolg van een mentale conditionering en de beperking om andere concepten, zoals zich multidimensionaliteit te kunnen voorstellen.

Daardoor begrijpt men niet hoe de overgang naar de subtiele dimensie plaatsvindt. Een van de toegangspoorten naar de binnenaarde die in Cinamars boek worden beschreven, is via openingen in het poolgebied. De overgang van het buitenoppervlak naar de binnenaarde gaat daar heel geleidelijk, omdat er geen harde grens is en de binnen- en buitenwereld in feite niet van elkaar gescheiden zijn.
In zijn boek vergelijkt Cinamar het met een Möbiusband, waarbij je in dezelfde richting blijft bewegen en ogenschijnlijk op hetzelfde oppervlakte blijft. De ‘inversie’ of omkering die men op een bepaald moment ervaart interpreteert de geest als de aankomst ‘binnenin’. In de binnenaarde heeft de zwaartekracht bovendien een andere werking dan op het aardoppervlak. Daardoor heeft men niet het gevoel ‘op zijn kop’ te staan. Gedurende het proces van naar binnen gaan stijgt de trillingsfrequentie en komt men in het etherische vlak terecht. Daardoor voelt alles lichter en werken bewegingen anders.

De centrale zwarte zon
Het is alleen mogelijk de binnenste aarde binnen te gaan als de persoonlijke frequentie overeenkomt met de frequentie van het etherische vlak. De reis naar het centrum van de aarde leidt volgens Cinamar niet naar een fysieke ruimte, maar naar een etherisch niveau waar ruimte en tijd anders functioneren. Het is feitelijk een andere wereld. Daarbinnen bevindt zich een centrale zwarte zon, die anders is dan onze zon aan de hemel in het materiële vlak.
De centrale zon is kleiner en geeft een minder intens licht. Wat je in de binnenaarde als een zon ziet, is in feite een zwart gat. Het licht van de zon is in werkelijkheid de straling van het licht dat door het zwarte gat wordt uitgezonden. Het centrale zwarte gat dat de binnenste ‘zon’ wordt genoemd, heeft zijn eigen magnetisch en zwaartekrachtveld. In de buurt van dat zwarte gat is de ruimte-tijdrealiteit sterk vervormd, omdat er een overgang is naar een andere dimensie of manifestatiecorridor.

“De wereld is niet plat maar hol”
“De wereld is niet plat maar hol”, zegt Rodney Cluff, auteur van ‘World Top Secret: Our Earth Is Hollow’. “Mijn opvatting over de holle aarde, gebaseerd op mijn onderzoek, is dat de schil van de aarde van de buitenkant tot het binnenoppervlak ongeveer 1287 kilometer dik is.” Hij denkt dat de helft van de planeet wordt ingenomen door het gewicht van het oppervlak, dat er daarnaast een lege ruimte is en dan nog iets anders. “In het midden van die holte hangt een interne zon die is verdeeld in een dag- en een nachtzijde”, schrijft hij.
Cluff beweert dat de CIA en het militair industrieel complex al decennia de toegang tot deze wereld verhullen. Tot 2010 was Cluff betrokken bij de zogeheten Noordpool Binnenaarde Expeditie, die in de jaren 2000 werd voorbereid. Door financiële tegenslagen, sterfgevallen en ongelukken werd de missie stilgelegd.

Nazi-kolonie en expeditie High Jump
Duitse nazi’s ondernamen in de late jaren ’30 een expeditie naar Antarctica die heimelijk gericht zou zijn geweest op het vinden van de toegang tot de innerlijke aarde. Hun vermeende ondergrondse basis, bekend als New Schwabenland, zou geen gewone schuilplaats zijn geweest, maar een dekmantel om de verborgen binnenwereld te verkennen.

Kort na de Tweede Wereldoorlog volgde de Amerikaanse operatie High Jump (1946), geleid door admiraal Richard Byrd. Officieel bedoeld om militaire apparatuur in extreme kou te testen, werd deze grootschalige missie onverwacht voortijdig afgebroken. De nazi’s beschikten over geavanceerde technologie, zoals antizwaartekrachtvoertuigen en wapentechnologie waartegen de Amerikanen niet opgewassen waren. Ze zouden deze technologie gekregen hebben van de inneraarde beschaving, die de nazi’s wilden helpen, omdat ze hadden beloofd geen kernwapens te gaan ontwikkelen.
Agartha en Antarctica
Volgens een later opgedoken dagboek van Byrd zou hij tijdens een andere vlucht voorbij de Zuidpool een warm, groen land hebben gezien, met onbekende dieren en een hoogontwikkelde beschaving. Hij noemde deze plek “het land voorbij de polen”, wat door sommigen wordt geïnterpreteerd als Agartha, de legendarische binnenwereld. Admiraal Byrd beschreef zijn ontmoeting en een opmerkelijk gesprek met ‘de meester’ van de binnenaarde. Deze uitte zijn diepe bezorgdheid over het gebruik van kernwapens door de mensheid, met name de verwoestende bombardementen op Hiroshima en Nagasaki. De meester sprak zijn oprechte bezorgdheid uit over de toestand op het aardoppervlak. Hij hoopte vurig dat de mensheid een einde zou maken aan haar destructieve neigingen.
De overwegend ontoegankelijke Zuidpool is sinds het Antarctisch Verdrag uit 1961 een gebied waar mensen niet zonder toestemming naartoe mogen reizen. Het gebied dat valt onder het Antarctic Specially Protected Area (ASPA) betreft het continent Antarctica, de nabijgelegen eilanden en het omringende water, dat alle land en water ten zuiden van 60 graden zuiderbreedte regelt en beschermt tegen menselijke ontwikkeling.
De blijvende militaire restricties, magnetische anomalieën en internationale verdragen rond Antarctica versterken volgens aanhangers van deze theorie het vermoeden dat er meer verborgen wordt dan alleen kwetsbare natuur: mogelijk zou toegang te verhinderen tot wat zich onder het ijs bevindt de werkelijke reden zijn .




Patricia Mensink van Alwareness maakte een aantal podcasts over de Mysieke geheimen van planeet Aarde voor Radio Gletcher, waaronder over de over De Holle Aarde, die prachtig aansluit bij bovenstaand artikel..
Ella Ster | ellaster.nl
Ontdek meer van Ellaster
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.


