Waarom kunnen slachtoffers van georganiseerd sadistisch misbruik niet gewoon naar de politie? Wat voor rol hebben politie en justitie de afgelopen decennia gespeeld in de opsporing naar daders en netwerken? Een onderzoek naar de omvang van sadistisch ritueel misbruik zou antwoord op deze en andere vragen moeten bieden, maar dit moet dan wel een onafhankelijk onderzoek zijn. GZ-psychologen schreven meerdere brandbrieven om hun zorgen te uiten over het geplande niet-onafhankelijke onderzoek. 

Aline Terpstra is een vrijgevestigd GZ-psycholoog en al 12 jaar als behandelaar bekend met satanisch ritueel misbruik (SRM). Ze spreekt erover met Erik van der Horst van Café Weltschmerz (zie video onderaan dit artikel). Op heldere wijze legt ze uit wat de psychologische effecten van het misbruik kunnen zijn. Vaak resulteert het in een dissociatieve identiteitsstoornis (DIS). Aan de hand van onderstaande schema’s wordt duidelijk wat DIS inhoudt en hoe het komt dat deze slachtoffers ‘gaten’ in hun geheugen hebben.

Het ontstaan of opzettelijk creëren van DIS 

Als gevolg van een ernstige, chronische traumatisering op zeer jonge leeftijd kan iemand een dissociatieve identiteitsstoornis (DIS) ontwikkelen. De persoonlijkheid is dan afgesplitst in verschillende persoonlijkheden (alters) die gescheiden zijn met een geheugenmuur. Deze alters zijn gelinkt aan specifieke traumatische gebeurtenissen, situaties, locaties, symbolen en of triggerwoorden. Het opzettelijk creëren van DIS is een vorm van mindcontrol, zoals de CIA dit in hun MK Ultra programma jarenlang heeft toegepast. Elke alter speelt een specifieke rol, bijvoorbeeld die van seksslaaf, spion of huurmoordenaar — en kan met triggerwoorden, symbolen of codes geactiveerd worden. De dagelijkse hoofdpersoonlijkheid weet later niet waar de andere alter(s) daarvoor bij betrokken zijn geweest. De ervaringen worden in het onderbewustzijn opgeslagen en zijn niet zondermeer oproepbaar in het dagelijkse bewustzijn. Wel kunnen de herinneringen van deze alters op latere leeftijd spontaan naar boven komen wanneer het slachtoffer gedeprogrammeerd wordt, blijkt uit de ervaringen van SRM-slachtoffers.

Een voorbeeld van een dag bij opa die het meisje Merel misbruikt, waarbij een slachtoffer met DIS per situatie verschillende persoonlijkheden aanneemt die gescheiden zijn door een geheugenmuur. Als gevolg heeft Merel gaten in het geheugen van die dag bij opa.

Aangifte doen is praktisch onmogelijk

Veel slachtoffers van SRM kunnen om vele redenen niet naar de politie. In rollenspellen waarbij slachtoffers verkracht of verraden zijn door daders in politie-uniform, is er al veel angst en wantrouwen gecreëerd. Wanneer een slachtoffer desondanks de moed heeft om aangifte te doen, zijn er allerlei drempels opgeworpen waarbij slachtoffers ontmoedigd raken om door te zetten.

Bij ritueel misbruik moet de politie advies inwinnen bij het LEBZ (Landelijke Eenheid Bijzondere Zedenzaken). Deze afdeling heeft een bedenkelijke doelstelling en rol, waarbij de focus vooral lijkt te liggen op het beschermen van daders tegen onterechte beschuldigingen. [1]

Bovendien wijzen slachtoffers daders aan die niet alleen (top)posities binnen politie en justitie hebben, zoals rechters, officieren van justitie en advocaten, maar bevinden zich onder de plegers ook politici, artsen, docenten, geestelijken en mediamensen. Het afleggen van een getuigenis kan enorm riskant zijn, omdat wanneer iemand uit het netwerk hier lucht van krijgt, niet alleen het strafrechtelijk onderzoek wordt gesaboteerd, maar het slachtoffer ook gevaar loopt om afgestraft te worden.

De allerbelangrijkste reden waarom slachtoffers niet naar de politie durven stappen is omdat ze in het misbruik ook tot dader zijn gemaakt. “We hebben nog een paar foto’s van je,” is een manier waarop ook slachtoffers chantabel en manipuleerbaar gemaakt zijn. Daardoor bevinden veel slachtoffers zich in een wurggreep van het netwerk. [2]

Vijf brandbrieven met aanbevelingen over onderzoekscommissie zijn door minister van Justitie genegeerd

Aline Terpstra is een van de GZ-psychologen die een vijftal brandbrieven aan de vaste kamercommissie van Justitie en Veiligheid schreef, om haar zorg te uiten over de vermeende aanpak van het onderzoek naar georganiseerd sadistisch misbruik. De invloed van Justitie op de samenstelling, werkwijze en focus van de onderzoekscommissie is enorm. Bovendien hebben de commissieleden geheimhoudingsplicht die ook misbruikt kan worden om onwelgevallige onderzoeksresultaten onder de pet te houden.

“Dat tot nu toe alle zaken van pedoseksueel misbruik door hooggeplaatsten zijn misgelopen en er eindeloos veel zaken van misbruik op de plank blijven liggen, blijft voor het gemak buiten beschouwing,” schrijft Aline Terpstra op haar blog Licht op SRM. De commissievoorzitter dhr. Hendriks heeft al aangegeven geen onderzoek te willen doen naar de omvang van SRM en dat ook niet aan waarheidsvinding zal worden gedaan. Dit betekent dat het onderzoek een mogelijke overlap in getuigenverklaringen — zoals dezelfde locaties, methodes en daders — niet boven tafel zal krijgen. “De commissie zal aan het einde niet weten of de getuigenissen van overlevers geloofwaardig zijn, zal ook geen idee hebben of er sprake is van een netwerk of netwerken.”

Daarnaast schrijft Aline Terpstra: “Er komt geen enkel zicht op het bestaan van netwerken of betrokkenheid van hooggeplaatsten. (…) Slachtoffers vertellen dat zij afgestraft worden in het netwerk als zij aangifte doen. De kans is groot dat zij door de conclusies van de commissie in dezelfde fuik (een aanbeveling om aangifte te doen – red.) worden teruggeduwd. Nu met de extra onderlegger — om het publiek gerust te stellen — dat ‘er goed onderzoek gedaan is, maar dat we er echt niet uitkomen.’ Dus dat aangifte doen de enige weg is.

Kortom, beter geen onderzoek dan dit ‘onderzoek’,” concludeert Terpstra. [3]

> Aline Terpstra publiceerde naast de brandbrieven veel achtergrondinformatie op haar website: Licht op SRM

De afkorting SRM staat voor satanisch ritueel misbruik en is de Nederlandse versie van het Engelstalige SRA, de afkorting van Satanic Ritual Abuse. Het te houden onderzoek gaat over sadistisch ritueel misbruik. Gideon van Meijeren zei daarover in een recent interview met Jorn Luka dat deze bredere term beter de lading dekt, omdat SRM altijd sadistisch is, maar sommige vormen van sadistisch misbruik geen rituele kenmerken heeft.

De Tweede Kamer zou op 1 november 2021 debatteren over de motie van Gideon van Meijeren over de onafhankelijkheid van de onderzoekscommissie, maar het is onduidelijk wanneer dit debat en de stemming zal plaatsvinden.

> Volg Ella Ster nu ook op Telegram: https://t.me/ella_ster

Ella Ster* | bron: ellaster.nl

Artikelen door mij geschreven mogen alleen 1:1 elders gepubliceerd worden mits de auteur Ella Ster* duidelijk bovenaan of onderaan het artikel staat vermeld. Daarnaast moet er onderaan de vermelding staan: “Bron: www.ellaster.nl”
Steun Ella Ster met Petje Af

Bronnen en aanvullende informatie:

[1] Over empirisch bewijs van georganiseerd sadistisch en ritueel misbruik
[2] We hebben nog een paar foto’s van je
[3] Landelijk onderzoek naar georganiseerd sadistisch misbruik van kinderen en naar het Landelijk Expertisebureau Bijzondere Zedenzaken
Share.

About Author

4 reacties

  1. https://www.youtube.com/watch?v=UjTOPkGl-U0

    Ja, satanisch ritueel kindermisbruik is een échte kwestie, begint nu ook de NOS te zien. Maar een onafhankelijk onderzoek wordt geblokkeerd door Grapperhaus. Het leidt tot enorm veel wantrouwen bij de slachtoffers. Gideon van Meijeren wil dat dit tot de bodem wordt uitgezocht!

  2. Grapperhaus kan het beste naar Steenderen (bij Zutphen). Want bij de Aviko weten ze wel hoe met aardappelen om te gaan.